De belasting op het onderhouden en rein houden van openbaar en privaat domein, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 18 december 2019, vervalt op 31 december 2025. De belasting op het onderhouden en rein houden van openbaar en privaat domein moet worden hernieuwd voor de aanslagjaren 2026 t.e.m. 2031.
De gemeente wenst het principe van “de vervuiler betaalt” toe te passen.
De vastgestelde belasting is van toepassing onverminderd een gerechtelijke vervolging of het opleggen van een gemeentelijke administratieve sanctie.
De gemeente streeft naar een optimale openbare netheid en een verzorgd straatbeeld. Dit is essentieel voor de leefbaarheid van de gemeente. Om dit te verwezenlijken wil de gemeente het correct en goed onderhoud van eigendommen stimuleren en situaties van onrechtmatig geplaatste terrassen, antennes en andere constructies voorkomen.
Daarnaast acht de gemeente het noodzakelijk dat de kosten voor het weghalen, verwijderen en opruimen van goederen en afvalstoffen kunnen worden verhaald op de verantwoordelijke veroorzakers. Dit betreft onder meer sluikstorters, bevuilers, eigenaars of gebruikers van het terrein, evenals personen die graffiti, zelfklevers, aanplakkingen en andere vormen van vervuiling aanbrengen. Hierbij wordt het principe “de vervuiler betaalt” toegepast.
Het is gerechtvaardigd om een billijke financiële tussenkomst te vragen van al wie, al dan niet gevraagd, een beroep doet op de dienstverlening van de gemeente.
In dit reglement worden ook de tarieven opgenomen met betrekking tot inzet van wagens, bulldozer of veegmachine.
De financiële toestand van de gemeente en de noodzaak om het budget in evenwicht te houden.
Gelet op de gevoerde bespreking.
Gezien de ontvangsten zijn ingeschreven in het meerjarenplan 2026-2031 en dus noodzakelijk zijn voor het behoud van een gezonde financiële toestand van de gemeente.
Artikel 1: Heffingstermijn en belastbaar feit
Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 wordt ten behoeve van de gemeente een belasting gevestigd op:
Hoofdstuk 1: Onderhouden van eigendommen
Artikel 2: Belastbaar feit
De belasting wordt gevestigd op het onderhouden en opruimen van verwaarloosde onbebouwde terreinen, braakliggende gronden en onbebouwde gedeelten van eigendommen, uitgevoerd door of in opdracht van het gemeentebestuur.
Onder verwaarlozing wordt onder meer verstaan (niet-limitatieve lijst):
Artikel 3: Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de gebruiker of huurder. Hieronder wordt verstaan de publiek- of privaatrechtelijke persoon die, in welke hoedanigheid ook, een recht uitoefent op cultuurgronden, braakliggende gronden, bossen of wouden, of elk ander terrein daarin begrepen, de gronden van nijverheidsinstellingen, gebouwen en opslagplaatsen.
De eigenaar is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
Artikel 4: Berekeningsgrondslag en tarieven
§1. De belasting wordt vastgesteld als volgt wanneer het onderhoud of de verwijdering ambtshalve door de gemeente wordt uitgevoerd:
§2. Wanneer het onderhoud of de verwijdering ambtshalve wordt uitgevoerd door een door de gemeente aangestelde aannemer wordt de belasting vastgesteld op een uitvoeringskost die gelijk is aan het factuurbedrag van de door de gemeente aangestelde aannemer, verhoogd met een administratieve kost van 10% van dit factuurbedrag.
§3. De duur van de aangerekende prestaties stemt overeen met de tijd die verstrijkt tussen het vertrek uit en de terugkeer in de gemeentelijke werkliedenloods, gelegen in de Felix Timmermanslaan te 1831 Diegem. Elk begonnen uur wordt volledig aangerekend.
Hoofdstuk 2: Weghalen, verwijderen en opruimen van goederen en afvalstoffen
Artikel 5: Belastbaar feit
Er wordt een belasting gevestigd op het weghalen, verwijderen en opruimen, door de gemeente of in opdracht van het gemeentebestuur, van goederen en afvalstoffen die werden gestort of achtergelaten op niet-reglementaire plaatsen of tijdstippen, in niet-reglementaire recipiënten of op niet-reglementaire wijze, zoals omschreven in de algemene politieverordening van de gemeente. Dit omvat onder meer:
Artikel 6: Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de natuurlijke of rechtspersoon, of in voorkomend geval van de voor hem burgerlijk verantwoordelijke personen, die verantwoordelijk is/zijn voor de in artikel 5 gestelde handelingen, met name:
Artikel 7: Berekeningsgrondslag en tarieven
§1. Wanneer de verwijdering ambtshalve wordt uitgevoerd door de gemeente, wordt de belasting als volgt vastgesteld:
§2. Wanneer de verwijdering ambtshalve wordt uitgevoerd door een door de gemeente aangestelde aannemer, wordt de belasting vastgesteld op een uitvoeringskost die gelijk is aan het factuurbedrag van de aangestelde aannemer, verhoogd met een administratieve kost van 10% van dit factuurbedrag.
§3. De duur van de aangerekende prestaties stemt overeen met de tijd die verstrijkt tussen het vertrek uit en de terugkeer in de gemeentelijke werkliedenloods, gelegen in de Felix Timmermanslaan te 1831 Diegem. Elk begonnen uur wordt volledig aangerekend.
Hoofdstuk 3: Onrechtmatig geplaatste terrassen en goederen
Artikel 8: Belastbaar feit
Er wordt een belasting gevestigd op het weghalen, door of in opdracht van het gemeentebestuur, van elk onrechtmatig op het openbaar domein geplaatst terras, stoel, bank, tafel, windscherm, uitstalraam, kraam, reclamebord, …
Artikel 9: Belastingsplichtige
De belasting is verschuldigd door de uitbater van de zaak waarbij het onrechtmatig geplaatste terras of de onrechtmatig geplaatste goederen werden geplaatst.
Artikel 10: Berekeningsgrondslag en tarieven
§1. Wanneer de verwijdering ambtshalve wordt uitgevoerd door de gemeente, wordt de belasting vastgesteld als volgt:
§2. Wanneer de verwijdering ambtshalve wordt uitgevoerd door een door de gemeente aangestelde aannemer, wordt de belasting vastgesteld op een uitvoeringskost die gelijk is aan het factuurbedrag van de aangestelde aannemer, verhoogd met een administratieve kost van 10% van dit factuurbedrag.
§3. De duur van de aangerekende prestaties stemt overeen met de tijd die verstrijkt tussen het vertrek uit en de terugkeer in de gemeentelijke werkliedenloods, gelegen in de Felix Timmermanslaan te 1831 Diegem. Elk begonnen uur wordt volledig aangerekend.
Hoofdstuk 4: Onrechtmatig geplaatste antennes en masten
Artikel 11: Belastbaar feit
Er wordt een belasting gevestigd op het weghalen door of in opdracht van het gemeentebestuur van elke onrechtmatig geplaatste hertz- of parabolische antenne die radiodiffusie en televisie ontvangt, of gelijk welke andere gelijkwaardige ontvangstinstallatie.
Onder ‘onrechtmatig geplaatste antennes’ wordt verstaan: de antennes die niet beschikken over de vereiste stedenbouwkundige vergunning.
Artikel 12: Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de eigenaar van de onrechtmatig geplaatste goederen.
Artikel 13: Berekeningsgrondslag en tarieven
§1. Wanneer de verwijdering ambtshalve wordt uitgevoerd door de gemeente, wordt de belasting vastgesteld als volgt:
§2. Wanneer de verwijdering ambtshalve wordt uitgevoerd door een door de gemeente aangestelde aannemer, wordt de belasting vastgesteld op een uitvoeringskost die gelijk is aan het factuurbedrag van de aangestelde aannemer, verhoogd met een administratieve kost van 10% van dit factuurbedrag.
§3. De duur van de aangerekende prestaties stemt overeen met de tijd die verstrijkt tussen het vertrek uit en de terugkeer in de gemeentelijke werkliedenloods, gelegen in de Felix Timmermanslaan te 1831 Diegem. Elk begonnen uur wordt volledig aangerekend.
Artikel 14: Vrijstellingen
§1. Er geldt een vrijstelling voor schotelantennes overeenkomstig artikel 12.2 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen, waarvoor geen vergunning nodig is.
Een stedenbouwkundige vergunning is niet vereist voor de plaatsing van volgende schotelantennes:
Hoofdstuk 5: Algemene bepalingen
Artikel 15: Wijze van inning
De belasting moet door de belastingplichtige zonder uitstel betaald worden tegen afgifte van een kwijting. Als de contante inning niet zonder uitstel kan worden uitgevoerd, dan wordt de belasting een kohierbelasting.
De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen ter zake gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere aanvullingen.
Artikel 16: Bezwaar
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen zijn aanslag een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen 3 maanden te rekenen vanaf de datum waarop de belastingplichtige het aanslagbiljet heeft ontvangen of vanaf de kennisgeving van de aanslag of de datum van de inning van de contantbelasting.
Het aanslagbiljet wordt geacht ontvangen te zijn op de derde werkdag die volgt op de datum van de verzending van het aanslagbiljet. Als het aanslagbiljet verzonden werd via elektronische weg, geldt de datum van de elektronische verzending als datum van zijn verzending. Als het bestuur en de belastingplichtige hetzelfde informatiesysteem gebruiken om berichten elektronisch uit te wisselen, wordt het aanslagbiljet geacht ontvangen te zijn op het tijdstip waarop het aanslagbiljet toegankelijk wordt voor de belastingplichtige.
Bezwaarschriften kunnen per post t.a.v. college van burgemeester en schepenen, Woluwestraat 1 te 1830 Machelen of via elektronische weg per e-mail secretariaat@machelen.be worden ingediend binnen de termijn en onder de voorwaarden zoals hierboven vermeld.
De indiening van het bezwaarschrift via elektronische weg geldt als uitdrukkelijke instemming van de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger om berichten binnen de bezwaarprocedure via die elektronische weg uit te wisselen. Als het bezwaarschrift verzonden wordt via elektronische weg, geldt de datum van de elektronische verzending als datum van indiening van het bezwaar.
Het college van burgemeester en schepenen of het personeelslid dat zij speciaal daarvoor aanwijst, bericht schriftelijk ontvangst binnen vijftien dagen na de indiening van het bezwaarschrift.
Indien de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger dat in zijn bezwaarschrift heeft gevraagd, zal de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger uitgenodigd worden op een hoorzitting.
Artikel 17: Bekendmaking, inwerkingtreding en bestuurlijk toezicht
Dit besluit zal worden bekendgemaakt overeenkomstig de artikelen 286, 287 en 288 decreet lokaal bestuur.
Dit besluit vervangt het besluit van de gemeenteraad van 18 december 2019 betreffende het belastingreglement op het onderhouden en rein houden van openbaar en privaat domein en treedt in werking op 1 januari 2026.
De toezichthoudende overheid zal op de hoogte gebracht worden van de bekendmaking van het reglement overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur.