Terug
Gepubliceerd op 24/10/2025

Besluit  raad voor maatschappelijk welzijn

di 21/10/2025 - 20:00

Rechtspositieregeling personeel lokaal bestuur

Aanwezig: Peter Roose, raadslid
Jean-Pierre De Groef, burgemeester
Steve Claeys, Mohamed Akaychouh, Magda Geeroms, Hicham El Majnaoui, Benny Blanckaert, schepenen
Hilde Anciaux, Marc Grootjans, Steven Tielemans, Veysel Top, Danny Gooris, Patrick Hanon, Nancy Van Harck, Idris Bektas, Tessa Liénard, Isabelle Blanckaert, Marleen Colebrants, Dieter Imbrechts, Ilker Makine, Anaïs Abid, Dylan Engels, Inge Bonaventure, raadsleden
Ellen De Boeck, algemeen directeur
Verontschuldigd: Stef Panneels, voorzitter raad voor maatschappelijk welzijn
Kris Jacobs, raadslid
Aanleiding en doel

De nood aan enkele aanpassingen aan de lokale rechtspositieregeling n.a.v.

  • het recht op ouderschapsverlof voor pleegouders (m.i.v. 1 juli 2025)
  • de voorziene inlooptijd van 6 maanden voor de overige MAT-leden te kort blijkt en het voorstel om overeenkomstig de inlooptijd voor de decretale graden deze ook voor de overige MAT-leden te verlengen tot 12 maanden.
Juridische grond
  • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikel 77 en 78.
    Bevoegdheid van de raad voor maatschappelijk welzijn.
  • Beslissing van de gemeenteraad en raad voor maatschappelijk welzijn van 20 mei 2025 over rechtspositieregeling personeel lokaal bestuur.
  • Programmawet van 18 juli 2025, artikel 217-219, tot invoering recht op ouderschapsverlof voor pleegouders die een kind in hun gezin opnemen in het raam van langdurige pleegzorg.
  • Wet van 19 december 1974 (en uitvoeringsbesluiten) tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden en haar personeel, en latere wijzigingen.
  • Wet van 29 juli 1991 over de uitdrukkelijke motivering van bestuurshandelingen.
Advies en motivering

Positief advies van het managementteam van 28 augustus 2025.

De bespreking in het HOC/BOC van 29 september 2025 dat resulteerde in het afsluiten van een protocol van akkoord.

Op voorstel van het vast bureau.

Financiële weerslag

Geen

Publieke stemming
Aanwezig: Peter Roose, Jean-Pierre De Groef, Steve Claeys, Mohamed Akaychouh, Magda Geeroms, Hicham El Majnaoui, Benny Blanckaert, Hilde Anciaux, Marc Grootjans, Steven Tielemans, Veysel Top, Danny Gooris, Patrick Hanon, Nancy Van Harck, Idris Bektas, Tessa Liénard, Isabelle Blanckaert, Marleen Colebrants, Dieter Imbrechts, Ilker Makine, Anaïs Abid, Dylan Engels, Inge Bonaventure, Ellen De Boeck
Voorstanders: Jean-Pierre De Groef, Steve Claeys, Mohamed Akaychouh, Magda Geeroms, Hicham El Majnaoui, Benny Blanckaert, Hilde Anciaux, Marc Grootjans, Steven Tielemans, Veysel Top, Danny Gooris, Peter Roose, Patrick Hanon, Nancy Van Harck, Idris Bektas, Tessa Liénard, Isabelle Blanckaert, Marleen Colebrants, Dieter Imbrechts, Ilker Makine, Anaïs Abid, Dylan Engels, Inge Bonaventure
Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
Besluit

Artikel 1: de aanpassing van de hierna volgende artikelen van de rechtspositieregeling personeel lokaal bestuur wordt goedgekeurd als volgt:

Artikel 48

§1. Ongeacht de prestatiebreuk bedraagt de duur van de inlooptijd 6 maanden.

Voor de algemeen directeur, de financieel directeur en de overige leden van het managementteam bedraagt de inlooptijd 12 maanden.

 

Artikel 267

Het recht op ouderschapsverlof wordt toegekend

  1. Bij de geboorte van een kind, zolang het kind de leeftijd van 12 jaar niet heeft bereikt op de ingangsdatum van de gevraagde onderbreking;
  2. Bij de adoptie van een kind, gedurende een periode die loopt vanaf de inschrijving van het kind als lid van het gezin in het bevolkings- of vreemdelingenregister van de gemeente waar het personeelslid zijn verblijfplaats hebt en dat, zolang het kind de leeftijd van 12 jaar niet bereikt heeft op de ingangsdatum van de gevraagde onderbreking;
  3. Als het kind een fysieke of mentale ongeschiktheid heeft, wordt het recht op ouderschapsverlof toegekend zolang het de leeftijd van 21 jaar niet heeft bereikt op de ingangsdatum van de gevraagde onderbreking. Het kind tussen 12 en 21 jaar voor wie het ouderschapsverlof wordt genomen, moet
    • ofwel een fysieke of mentale handicap hebben van ten minste 66%;
    • ofwel een aandoening hebben waarvoor minstens 4 punten worden toegekend in pijler 1 van de medisch-sociale schaal in de zin van de reglementering van de kinderbijslag;
    • ofwel een aandoening hebben waarvoor minstens 9 punten worden toegekend in de 3 pijlers samen van de medisch-sociale schaal, in de zin van de kinderbijslagreglementering.
  4. Bij langdurige pleegzorg bij een pleegouder, zodra het kind is ingeschreven als een gezinslid in het bevolkings- of vreemdelingenregister van de woonplaats van het personeelslid/pleegouder, zolang het kind niet ouder is dan 12 jaar (of 21 jaar als het gaat om een kind met een handicap) op de ingangsdatum van de gevraagde onderbreking en zolang het kind bij het personeelslid is geplaatst in het kader van langdurige pleegzorg (pleegzorg waarvan bij aanvang duidelijk is dat het kind voor minstens 6 maanden in hetzelfde pleeggezin en bij dezelfde pleegouder(s) zal verblijven).
 

Artikel 268

De schriftelijke aanvraag tot ouderschapsverlof wordt ingediend minstens 2 maanden en hoogstens 3 maanden voor de ingangsdatum van het verlof. Die termijn kan in overleg tussen het personeelslid en de algemeen directeur worden ingekort.

Bij de aanvraag tot ouderschapsverlof bezorgt het personeelslid het document of de documenten tot staving van de geboorte, de adoptie of de langdurige pleegzorg die het recht op ouderschapsverlof doet ontstaan.

Als de aanvraag wordt ingediend voor een kind tussen 12 en 21 jaar, moet het bewijs geleverd worden van de fysieke of mentale ongeschiktheid van het kind.

 Per aanvraag kan slechts één aaneengesloten periode van ouderschapsverlof worden gevraagd.

 

Artikel 2: afschrift van dit besluit wordt in het kader van het algemeen bestuurlijk toezicht aan de bevoegde overheid bezorgd.