Besluit
Enig artikel: de gemeenteraad keurt volgend subsidiereglement goed:
"Subsidiereglement 'infrastructuur nieuwe plaatsen in groepskinderopvang'
Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen
Artikel 1: Doel
Het subsidiereglement ‘infrastructuursubsidies kinderopvang nieuwe plaatsen’ geeft uitvoering aan het besluit van de Vlaamse Regering tot toekenning van een subsidie aan gemeenten voor de financiële ondersteuning van organisatoren van kinderopvang voor infrastructuur.
Met dit reglement wil het lokaal bestuur Machelen de creatie van nieuwe kinderopvangplaatsen stimuleren. De focus ligt daarbij op kinderopvangplaatsen met subsidie inkomenstarief (T2). Om dit te realiseren voorziet het lokaal bestuur een financiële ondersteuning voor de infrastructuur van kinderopvangplaatsen in de groepsopvang.
Het uiteindelijke doel van dit reglement is het verhogen van het aanbod aan betaalbare, kwaliteitsvolle kinderopvang met inkomenstarief binnen Machelen-Diegem.
Artikel 2: Definities
- VIPA: het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden, opgericht bij artikel 3 van het decreet van 2 juni 2006 tot omvorming van het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden tot een intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid, en tot wijziging van het decreet van 23 februari 1994 inzake de infrastructuur voor persoonsgebonden aangelegenheden.
- Opgroeien Regie: Het agentschap, opgericht bij decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie.
- Kinderopvanglocatie: een vestigingsplaats waar kinderopvang georganiseerd wordt;
- Groepsopvang: kinderopvang met een vergunning voor 9 of meer kindplaatsen
- Subsidiebelofte: Opgroeien kent subsidiebeloftes toe aan een organisator om te kunnen nieuwe plaatsen te realiseren op een bepaald moment. Als de plaatsen worden vergund vraagt de organisator de omzetting van de subsidiebelofte naar een subsidietoekenning aan;
- Vergunde plaats: plaats waarvoor de organisator een vergunning heeft;
- Subsidieerbare plaats: plaats waarvoor de organisator een beslissing tot toekenning van de subsidies heeft;
- Gesubsidieerde plaats: plaats waarvoor Opgroeien de subsidie effectief betaalt;
- Subsidie inkomenstarief (T2): is de subsidie voor kinderopvang waar de gezinnen een prijs betalen op basis van het inkomen en kinderen van bepaalde gezinnen voorrang krijgen. Organisatoren moeten aan de voorwaarden van de basissubsidie voldoen en bijkomende voorwaarden;
- Organisator kinderopvang: de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die kinderopvang organiseert;
- Nieuwe plaatsen: Capaciteitsuitbreiding die nog niet vergund is door het agentschap Opgroeien op het moment van de subsidietoezegging. Omschakeling van gezinsopvang naar groepsopvang worden niet als capaciteitsuitbreiding beschouwd.
- BVR van 24 oktober 2025: Besluit van de Vlaamse Regering tot toekenning van een subsidie aan gemeenten voor de financiële ondersteuning van organisatoren van kinderopvang voor infrastructuur.
Artikel 3: Juridisch kader
- Decreet houdende de organisatie van kinderopvang van baby’s en peuters
- Vergunningenbesluit van 22 november 2013
- Subsidiebesluit van 22 november 2013
- Procedurebesluit van 9 mei 2014
- Besluit van de Vlaamse Regering tot toekenning van een subsidie aan gemeenten voor de financiële ondersteuning van organisatoren van kinderopvang voor infrastructuur van 24 oktober 2025
- Decreet lokaal bestuur
- Masterplan van de Vlaamse Regering voor de toekomst van kinderopvang
- Bestemmingsbesluit (artikel 4)
- Bestemmingsdecreet (artikel 12)
- DAEB
Hoofdstuk 2: Doelgroep
Artikel 4: Doelgroep
De organisator kan een subsidie aanvragen op voorwaarde dat aan alle onderstaande vereisten is voldaan:
- De betrokken kinderopvanglocatie komt in aanmerking voor een vergunning voor groepsopvang, volgens het decreet van 20 april 2012 betreffende de organisatie van kinderopvang voor baby’s en peuters. Organisatoren voor gezinsopvang (dit is een kleinschalige opvang waar maximum 8 kinderen aanwezig zijn) komen niet in aanmerking voor de subsidie.
- Voor de kinderopvangplaatsen waarvoor financiële ondersteuning wordt aangevraagd, beschikt de organisator over:
- Een subsidiebelofte voor nieuwe plaatsen met een basissubsidie – inclusief een bijkomende engagementsverklaring tot overschakeling naar een subsidie met inkomenstarief te realiseren;
- Of een subsidiebelofte met inkomenstarief te realiseren;
- Of een subsidiebeslissing voor nieuwe plaatsen met een subsidie voor inkomenstarief, in het kader van de toepassing van het Subsidiebesluit van 22 november 2013.
- De organisator aanvaardt dat Zorginspectie, zoals vermeld in artikel 4, §2, derde lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2023 betreffende het Departement Zorg, toezicht kan uitoefenen op de aanwending van de financiële ondersteuning. In dat kader krijgt Zorginspectie toegang tot alle relevante documenten en kan zij zowel ter plaatse als op afstand financiële controles uitvoeren.
- Voor de betrokken kinderopvanglocaties is het Nederlands de voertaal en bevinden deze zich op het grondgebied van Machelen-Diegem.
- De organisator engageert zich om:
- Partner te worden van het Huis van het Kind;
- Deel te nemen aan het Lokaal Overleg Kinderopvang;
- Opvangvragen te behandelen via het door de gemeente voorziene platform.
Hoofdstuk 3: Subsidiebedrag
Artikel 5: Subsidieerbare kosten en subsidiebedrag
- De subsidie mag uitsluitend worden aangewend voor kosten die in aanmerking komen volgens de bepalingen van het BVR van 24 oktober 2025.
De subsidieerbare kosten omvatten:
- Reële bouwkosten:
- In geval van werken: de finale kosten die gerelateerd zijn aan de volgende onkostenposten;
- Ruwbouw
- Technische uitrusting
- Afwerking
- Uitrusting en meubilering
- Studie- en algemene kosten
- Omgevingswerken
- De btw die gerelateerd is aan de onkostenposten, vermeld hierboven.
Kosten in verband met de aankoop van een opvanglocatie komen niet in aanmerking voor deze subsidie.
- Het totale beschikbare budget voor deze subsidie bedraagt maximaal 186 666,67 euro. Zodra dit budget volledig is uitgeput, worden geen subsidies meer toegekend. Het toe te kennen subsidiebedrag kan nooit hoger zijn dan 50 000,00 euro per opvanglocatie of het resterende beschikbare budget. Eventueel teruggevorderde middelen worden opnieuw ingezet voor subsidiëring.
- Wanneer een organisator btw-plichtig is, mag de btw niet als kost worden opgenomen. Het gesubsidieerde bedrag wordt bepaald als volgt:
- Maximum 60% van de subsidieerbare kosten per opvanglocatie zoals beschreven in artikel 5, wanneer er geen bijkomende steun via VIPA wordt genoten, met een maximum van 50 000,00.
- Maximum 15% van de subsidieerbare kosten per opvanglocatie zoals beschreven in artikel 5, wanneer er een bijkomende steun via VIPA wordt genoten, met een maximum van 50 000,00.
Hoofdstuk 4: Aanvraagprocedure
Artikel 6: Procedure
- De subsidie wordt aangevraagd via het invulformulier op de website van het lokaal bestuur Machelen. Bij de aanvraag verstrekt de organisator minstens volgende gegevens: de gegevens van de organisatie, de gegevens van de betrokken locatie, het aantal bestaande vergunde plaatsen op deze locatie, het aantal nieuwe plaatsen met subsidiebelofte van Opgroeien op deze locatie, een omschrijving van de geplande werken, een raming van de totale reële bouwkost, een engagementsverklaring om partner te worden van het Huis van het Kind, deel te nemen aan het Lokaal overleg kinderopvang en gebruik te maken van het gemeentelijk aanvraagplatform en het grondplan van de locatie, de vermelding of al dan niet klassieke VIPA-subsidies worden aangevraagd en of men via de de-minimissteun of DAEB-regelgeving wil werken.
- Na indiening van de aanvraag ontvangt de organisator een ontvangstmelding.
- Vervolgens wordt een eerste gesprek ingepland met een medewerker van het lokaal bestuur om de aanvraag en de bijhorende kostenramingen te bespreken en te verduidelijken.
- De aanvraag wordt als officieel goedgekeurd beschouwd na een positieve beslissing van het college van burgemeester en schepenen én na goedkeuring binnen eVIPA.
- Het subsidiebedrag wordt uitbetaald in drie schijven.
- Een eerste schijf (50%) wordt uitbetaald op basis van een goedgekeurde kostenraming.
- Een tweede schijf (25%) wordt pas uitbetaald wanneer de facturen via eVIPA zijn ingediend én wanneer deze het bedrag van de eerste schijf overschrijden.
- De derde en laatste schijf (max. 25%) wordt uitbetaald na de eindafrekening, op basis van de controle van alle vereiste facturen.
- Uiterlijk drie maanden na de opstart van de nieuwe plaatsen moet de organisator via eVIPA alle facturen bezorgen. Op basis van deze reële kosten wordt het resterende subsidiebedrag berekend en uitbetaald, met dien verstande dat het totaal uitgekeerde bedrag nooit hoger mag zijn dan het maximale subsidiebedrag van 50 000,00 en 15% of 60% van de totale kosten.
- Na uitbetaling van de laatste schijf wordt het dossier afgesloten in eVIPA.
Hoofdstuk 5: Controle en sancties
Artikel 7: Toezicht en controle
- Het lokaal bestuur Machelen is verantwoordelijk voor de goedkeuring, uitbetaling en opvolging van de toegekende subsidies.
- De organisator aanvaardt dat Zorginspectie, zoals bepaald in artikel 4, §2, derde lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2023 betreffende het Departement Zorg, toezicht kan uitoefenen op de aanwending van de financiële ondersteuning. In dat kader krijgt Zorginspectie toegang tot alle relevante documenten en kan zij zowel ter plaatse als op afstand financiële controles uitvoeren.
- Het lokaal bestuur heeft het recht om ter plaatse de aanwending van de verleende subsidie(s) en het naleven van de bepalingen van dit reglement en het BVR van 24 oktober 2025 te doen controleren.
- Het lokaal bestuur kan tevens steeds informatie opvragen omtrent de naleving van de bepalingen van dit reglement en BVR van 24 oktober. De organisator levert deze informatie na eenvoudig verzoek van het lokaal bestuur.
- Als de organisator zich verzet tegen de uitoefening van de controle door het lokaal bestuur en/of de Zorginspectie, is de organisator verplicht het volledige toegekende subsidiebedrag terug te betalen.
- Uiterlijk drie maanden na de opstart van de nieuwe plaatsen dient de organisator via eVIPA een financieel dossier in met de werkelijk gemaakte kosten. Op basis van deze reële kosten wordt het resterende deel van de subsidie berekend en uitbetaald, met dien verstande dat het totaal uitgekeerde bedrag nooit hoger mag zijn dan het maximum subsidiebedrag en het oorspronkelijk goedgekeurde subsidiebedrag
- De subsidie wordt toegekend in overeenstemming met de Europese staatssteunregels (artikelen 107 en 108 VWEU).
- De subsidie kan worden toegekend onder toepassing van de de‑minimisregeling, voor zover het totale bedrag aan ontvangen de‑minimissteun het plafond van 750 000,00 euro niet overschrijdt.
- Indien de organisator niet in aanmerking komt voor steun onder de de‑minimisregeling, wordt de subsidie toegekend als compensatie voor een dienst van algemeen economisch belang. De financiering van de dienstverlening gebeurt met toepassing van besluit 2012/21/EU van de EU Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen.
Artikel 8: Sancties
De subsidie moet steeds worden aangewend voor het doel waarvoor zij werd toegekend. Het gebruik van de subsidie dient op elk moment te kunnen worden verantwoord. Als dit niet het geval is, kan de subsidie geheel of gedeeltelijk worden teruggevorderd.
De subsidie wordt geheel of gedeeltelijk teruggevorderd als de organisator zich in één of meerdere van de volgende situaties bevindt:
- De voorwaarden van dit reglement niet naleeft of niet heeft nageleefd;
- Ingeval de aanvrager zich verzet tegen de uitoefening van de controle, is de aanvrager gehouden tot terugbetaling van de subsidies;
- De subsidies aanwendt/aanwendde voor een ander doel dan waarvoor zij toegekend waren;
- In staat van faillissement verkeert of failliet wordt verklaard, dan wel blijk geeft van een nakend faillissement;
- De activiteiten stopzet of ophoudt te bestaan;
- De wetgeving niet naleeft, dan wel een inbreuk pleegt tegen de openbare orde of die een negatieve weerslag heeft op de uitvoering;
- Valse verklaringen heeft afgelegd met het oog op het genieten van de subsidie;
- De controle door het lokaal bestuur of bevoegde controle-instanties verhindert;
- Als door het lokaal bestuur een situatie van overcompensatie wordt vastgesteld in het kader van DAEB-regelgeving;
- Wanneer de infrastructuur of het materiaal niet voldoet aan de richtlijnen van het Agentschap Opgroeien, is de organisator verplicht het volledige toegekende subsidiebedrag terug te betalen;
- Het dossier wordt afgesloten na uitbetaling van het resterende subsidiebedrag. Het lokaal bestuur blijft maximum 25 jaar het recht hebben op controle en terugvordering;
- Hoewel de standaardduur van een DAEB-opdracht maximaal 10 jaar bedraagt, wordt deze termijn verlengt naar 10 jaar voor roerende goederen en 25 jaar voor onroerende goederen;
- Een overdracht van eigendom of een zakelijk recht op infrastructuur en uitrusting die met subsidies werd ondersteund, wordt uitsluitend aanvaard wanneer de kinderopvangcapaciteit integraal meeverhuist naar een andere locatie binnen dezelfde gemeente én de initiële bestemming behouden blijft. Elke andere wijziging wordt beschouwd als een ongeoorloofde bestemmingswijziging.
Het gesubsidieerde bedrag voor roerende goederen wordt teruggevorderd volgens onderstaande termijnen, te rekenen vanaf de aankoopdatum:
- Van ontvangst tot 3 jaar na aankoop: 100% van het gesubsidieerde bedrag
- Vanaf 3 jaar tot 6 jaar na aankoop: 50% van het gesubsidieerde bedrag
- Vanaf 6 jaar na aankoop tot 10 jaar: 10% van het gesubsidieerde bedrag
Het gesubsidieerd bedrag voor onroerende goederen wordt teruggevorderd volgens onderstaande termijnen, te rekenen vanaf de opstart van de opvangplaats:
- Van ontvangst tot 5 jaar na opstart opvangplaats: 100% van het gesubsidieerd bedrag
- Vanaf 5 tot 10 jaar na opstart opvangplaats: 70% van het gesubsidieerd bedrag
- Vanaf 10 jaar tot 17 jaar na opstart opvangplaats: 40% van het gesubsidieerd bedrag
- Vanaf 17 jaar tot 25 jaar na opstart opvangplaats: 10% van het gesubsidieerd bedrag
Artikel 9: Algemene taalverplichting
Alle communicatie, verslaggeving en publicaties met betrekking tot de activiteiten worden in het Nederlands opgesteld en uitgevoerd.
Hoofdstuk 6: Slotbepalingen
Artikel 10: Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking vanaf 1 juli 2026.
Artikel 11: bezwaren worden ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, Woluwestraat 1 te 1830 Machelen."